Bert Eriksson

Bert Eriksson Antwerpen 30-6-1931 -  †Westdorpe- Nl 2-10-2005)

In de prille periode van de Vlaams Nationale Partij (V.N.P.) schreef Karel Dillen in het toenmalige partijblaadje (De Vlaams Nationalist) onder de tekst "Bloemen voor Eriksson" het volgende : "Meer dan 25 jaar geleden, nog vóór Wim Maes, wanneer wij herdenkingen inrichtten voor gevallen Vlaams-Nationale leiders, wanneer de eerste openbare meetings voor Amnestie ingericht werden, kon dit gebeuren omdat de toenmalige V.M.O. ons beschermde tegen de terreur van de straat, tegen het geweld van de communisten, socialisten, resistentialisten. Bij die militantenploeg behoorde destijds reeds Bert Eriksson".

Het is inderdaad in die periode dat het verhaal - Bert Eriksson -  begint. We schrijven 1945. De Vlaamse beweging lag lamgeslagen. Duizenden werden opgesloten in kampen en gevangenissen, velen in ballingschap, tientallen terechtgesteld. Het was een tijd dat er niet al te veel waren die zich "Vlaming" durfden noemen. Er was bijna geen straat die ontsnapte aan de terreur. Bert Eriksson was 13 toen twee mannen met armbanden en geweren hem kwamen ophalen. Tussen die twee ging het te voet naar de Brederodestraat, naar het hoofdkwartier van de weerstand. Een klein ventje tussen twee volwassenen met geladen geweren !

De ganse dag heeft hij daar gezeten. Onder het gejoel en gekrijs van het gepeupel werden de "zwarten" binnengebracht, de meesten mishandeld; vrouwen werden kaalgeschoren, onteerd, buiten op straat klonk een ten hemel schreiend gejoel telkens een "zwarte" werd binnengekeild. Hij moet er uitgezien hebben als een klein angstig vogeltje dat niet begreep waarom al die mensen zo wreed konden zijn. 's Avonds werd hij door een vrouwelijke weerstander (uit medelijden) weer naar huis gestuurd.

In 1943 was Bert Eriksson lid geweest van de Hitlerjeugd-Vlaanderen, net zoals bvb André Leysen, Hugo Schiltz....Toen in 1949 de Vlaamse politiek terug haar intrede deed met de "Vlaamse Concentratie" was er weer hoop voor vele tienduizenden. En Bert Eriksson trok mee de boer op, meestal uitgejouwd en bespuwd, om bij nacht en ontij te kalken of te plakken. "Amnestie" was zijn strijdleuze, de "Vlaamse Concentratie" zijn partij. Maar ook toen reeds staken de "intellectuele-Dietsers-met pijpen" de kop op, die zegden wat hij moest doen of niet mocht doen. Bert Eriksson zag dan ook meer heil in de Stormafdeling (S.A.) van Fons Rongé.

In de jaren 1950-51 kregen velen het oproepingsbevel om naar het belgisch leger te gaan. Aangezien Bert Eriksson's wieg in de Finse Äland-archipel stond, was hij vrij van legerdienst. Groepen, kernen, handbalploegen vielen uiteen, ransels, broodzakken en runen werden in kasladen opgeborgen en zouden nadien door de meeste niet meer worden bovengehaald, erger, velen zouden naar de stal niet meer terugkeren.

Voor Bert Eriksson was zijn jeugd, de oorlogsjeugd, een harde maar mooie tijd. Het was een tijd waar hij en anderen, de straat moesten vrijvechten voor de eerste povere uitingen van het Vlaams-Nationaal bewegingsleven. Zij moesten de bijeenkomsten van de "Vrouwenbeweging voor Amnestie" beschermen, stonden dag en nacht in de bres om te plakken, te schilderen en te knokken. De weg voor Vlaanderens stem moest letterlijk worden vrijgevochten. Maar in de jaren 1950-51 waren ook voor Bert Eriksson de wilde jaren voorbij. Hij voelde zich "eenzaam", liet zich tot "belg" naturaliseren en trok naar de Commandotroepen; en vandaar naar Korea. Intussen was in Brussel, onder impuls van Bob Maes (zie biografie op deze site) de Vlaamse Militanten Organisatie (V.M.O.) opgericht, en dit in 1949-1950. Later, in 1954, gevolgd door de gewestelijke oprichting in Antwerpen, waar Wim Maes weldra leider zou worden. Het was in den beginne een onsamenhangend zootje en de activiteiten waren zeer plaatselijk. Bob Maes in het Brusselse, Kamiel Van Damme in het Gentse en in Antwerpen enkele groepjes. In 1954-1955 kwam er voor Bert Eriksson, tot dan bij de Commandotroepen verandering in. Hij keerde terug uit Korea en sloot zich aan bij de V.M.O. groep Antwerpen.

V.M.O. optocht - links Bert Eriksson, rechts Kamiel Van Damme

De "Vlaamse Concentratie" was inmiddels over de kling gejaagd en vervangen door de christelijke "Volksunie". Samen met de V.M.O. zou Bert Eriksson jarenlang instaan voor het kalk- en plakwerk, colportages en ordediensten van de Volksunie. En nadat die V.M.O. de straten had schoongeveegd werd voor de inmiddels "salonfähige" partij die de Volksunie was geworden, de rode loper uitgelegd. "Amnestie" was niet langer aan de orde, en de afstand tussen de Volksunie en de V.M.O. werd alsmaar groter. Hugo Schiltz verbood op zeker moment het grijze hemd van de V.M.O. militanten...er werd gemopperd. Schiltz verbood dan het dragen van het V.M.O. kenteken...er werd nog meer gemopperd. Het moest V.U.M. worden (Volksunie militant). Het werd V.U.M. Enkel Kamiel Van Damme negeerde die richtlijn. De Volksunie ging de linkse toer op en Bob Maes werd beloond met een senaatszetel. Toen ging de Volksunie de volledige linkse toer op met de VUJO-jongeren. De V.M.O. in Antwerpen, intussen onder Wim Maes, en met Bert Eriksson in zijn rangen, distantieerde zich ook van de Volksunie.

En toen, in 1968, overleed onverwachts Wim Maes. Achtereenvolgens trachtten Bruno Bruyninckx, Jeroen De Bois, Wim Verreycken, Luc Vermeulen en Bert Eriksson de leemte zo goed als mogelijk op te vullen. Er was nog even de "Slag om Stekene" (Erepark Sint Maartensfonds), maar dan was het gedaan. Bob Maes, intussen opgeklommen in de hiërarchie van de Volksunie, ontbond in 1971 de V.M.O.

Kort na de ontbinding kwam Bert Eriksson samen met een twintigtal getrouwen om te zien of de V.M.O. heropgericht kon worden. Er was verwarring alom. Maar Bert Eriksson zou trachten de uiteengeslagen V.M.O. terug aaneen te lijmen. Maar dat was makkelijker gezegd dan gedaan. Plots werd door "'t Pallieterke" Wim Maes als heilige verheven, en Bert Eriksson en de enkele volgelingen werden verguisd en werden het mikpunt van laster. De criticasters hebben toen de termen "oude" en "nieuwe" V.M.O. bedacht. Hugo Schiltz noemde Eriksson en de zijnen "wandluizen" !

De IJzerbedevaart stond voor de deur, en Bert Eriksson, die inmiddels het voortouw had genomen van die paar tientallen getrouwen wist niet wat te doen. Er was geen geld, er waren geen vaandels, geen muziekinstrumenten...er was niets ! Zelfs het aantal V.M.O. leden was Eriksson onbekend. Zo goed als mogelijk begon hij en de kameraden rond te bellen, rond te schrijven, en militanten op te roepen om op de dag van de IJzerbedevaart te verzamelen aan het IJzerbedevaartsecretariaat, liefst in grijs uniform. Eriksson wou die dag opmarcheren en rekende op 50 man. Bewuste ochtend werden het er 60.., 70...80 ! Allen in uniform en keurig opgesteld. De B.O.B. (belgische opsporings brigade) verbood Bert Eriksson op te stappen tot aan het Vlaams Huis. Maar Eriksson zou hoe dan ook opstappen.... en kreeg toelating ! Tot aan het Vlaams Huis. "Maar geen stap verder" klonk het.

De triomf van Eriksson was groot. Langs alle kanten klonk er applaus. Hier en daar werd geld toegestoken, werden bloemen geworpen. Enkele dagen later kwam hij samen met enkele mensen uit West- en Oost-Vlaanderen, Brabant en Limburg om te braadslagen hoe de V.M.O. kon gereorganiseerd worden. De "Vlaamse Militanten Organisatie" werd "Vlaamse Militanten Orde", in de plaats van het provinciekenteken op de mouw kwam het leeuwenschild en het koperen slot maakte plaats voor een nikkelen koppelslot met de ODAL-rune.

 

de Odal rune werd het symbool van de V.M.O.

Er kwam een Raad, elke provincie kreeg een plaats in de Leiding, er kwamen gouwen, kernen en cellen. En er kwamen nieuwe problemen die moesten bestreden worden : drugs, gastarbeiders, de linkse ondermijning. Stilaan groeide de groep. er kwamen vaandels, een maandblad (Alarm) en kerels en knapen kwamen de rangen van de V.M.O. onder Eriksson vervullen. Sommigen voor lange, sommigen voor korte tijd. Er waren idealisten, meelopers, en af en toe een Judas (lees "staatsveiligheid") of een mol. Er werden instrumenten aangekocht, kortom Bert Eriksson had de V.M.O. opnieuw op de sporen gezet. De "intellectuelen" namen afstand van Bert Eriksson en de V.M.O. Een medewerker van 't Pallieterke formuleerde het zo : "stouter, driester, gewelddadiger, baldadiger, geen ideeën, charlatans, vechtersbazen...", naamloos uiteraard ! Dat de Vlaamse Beweging na 160 jaar springlevend is, dankt ze grotendeels aan Bert Eriksson en "zijn" V.M.O. ! Was Bert Eriksson een ketter toen hij stelde dat de doorsnee Vlaming een "lamme goedzak is " ?

Terwijl de "Dietsers-met-pijpen" de ene rondetafelbijeenkomst na de andere organiseerden, brachten leden van de V.M.O. van Bert Eriksson Cyriel Verschaeve (zie verder op deze webstek) terug naar Vlaanderen. Een deel van de Vlaamse Beweging zag dit als een soort grafschennis omdat Verschaeve eervol begraven lag in Solbad Hall. Anderen zagen deze aktie als een terechte voltooing van Verschaeves laatste wil om begraven te worden in Vlaanderen. Toen de geschonden en onteerde resten van Staf De Clercq werden opgegraven en hij een eervolle begrafenis kreeg (zie verder op deze webstek) steeg echter het respect voor de V.M.O. zienderogen en bekwam Bert Eriksson ook meer en meer steun vanuit de doorsnee Vlaamse Beweging. Vlaamse voormannen als Ward Hermans, Jef François, Edgar Delvo, Rik De Ghein, Jan Brans en Karel Dillen, en zelfs voormalig REX-leider Léon Degrelle,  schaarden zich achter deze "knokkers" en "charlatans" van Bert Eriksson. Toen al waagde Bert Eriksson het een betoging te organiseren tegen de "gastarbeiders". Wat vandaag, zovele decennia later inderdaad een probleem zou blijken te zijn, niet enkel voor Vlaanderen, maar voor gans Europa.

In 1979 slaagde Bert Eriksson erin om samen met een 100-tal militanten de militaire afgrendeling van de Voerstreek te doorbreken en de "dodenstrook" van de Voerstreek binnen te dringen (zie onder akties) . Meer dan 100 militanten werden aangehouden maar daags nadien telde de V.M.O. van Bert Eriksson duizenden sympathisanten. Deze actie was echter meteen ook het begin van het einde. Op basis van vooroorlogse wetteksten werd de V.M.O. verboden, en kreeg Bert Eriksson een effectieve gevangenisstraf van 1 jaar.  Een 40-tal andere militanten deelden in de klappen. Het "monsterproces" (zie verder op deze webstek) maakte een definitief einde aan de V.M.O. De spits van de Vlaamse Beweging werd monddood gemaakt. Er volgde een grote leegte in de radicale Vlaamsnationale strijdende beweging. In 1980, n.a.v. van het 150 jarig bestaan van de onstaat "belgië" gaf Bert Eriksson een persconferentie in het I.P.C. (International Pers Centrum) te Brussel, althans dat was de bedoeling, want de "belgische" democraten beslisten er anders over en sloegen de boel kort en klein. Van vrije meningsuiting gesproken. Inderhaast en onder rijkswachtbescherming werd dan toch nog een geïmproviseerde persconferentie gegeven. 

 

Persconferentie IPC (1980)

Bert Eriksson trachtte begin de jaren 80 de V.M.O. nieuw leven in te blazen, maar dit mislukte. Kaas- en wijnavonden hadden de plaats ingenomen van de V.M.O.

Bert Eriksson, bleef ook nadien nog zijn ideaal trouw en was een gewaardeerd spreker op bijeenkomsten van radicale nationalisten. Tot het einde bleven zijn militanten hem trouw. Zijn vrouw, kinderen en kleinkinderen bleven Eriksson door dik en dun steunen.

 

Bert Eriksson en echtgenote gevierd in Lokaal Odal (1984)

En zoals Bert Eriksson het zelf zegde : "Eén zaak koester ik als een kleinood : mijn levenslange vechten met open vizier ! Dit kan niet van elke Vlaams-Nationalist gezegd worden. Dit is waarschijnlijk waarom men mij de meest omstreden figuur noemt in de rechts-radicale kamp in Vlaanderen."

Bert Eriksson verhuisde dan van het geuzennest Antwerpen naar het uiterst rustige Westdorpe in Zeeuws-Vlaanderen, waar hij op 2 oktober 2005, na een slepende longziekte in huiselijke kring overleed. Zijn herdenkingsdienst bracht voor de laatste maal honderden oud-militanten en sympathisanten op de been.

"Bert, de militanten van de V.M.O. groeten, danken en eren U !"

 

   

Bidprentje Bert Eriksson

 

  Op 8/9/07 werd in Deurne de biografie voorgesteld van Bert Eriksson geschreven door zijn kleinzoon Sven. 

 

Dit boek kan verkregen worden door overschrijving van €19,95 + €2,6 (postkosten Vlaanderen) of + €6 (postkosten buitenland) op volgend rekeningnummer : Sven Eriksson 320-0702908-19, met vermelding "Vlaanderen, mijn land + naam + adres".

Voor meer informatie kan je ook mailen naar : Vlaanderen-mijnland@hotmail.com

 

 

"Vlaanderen, ik groet U "

Bert Eriksson

 

Een lied....drie...vier !

Eén van de meest gezongen Vlaamse liederen, naast het V.M.O. lied, dat  onder het leiderschap van Bert Eriksson werd gezongen was wel "De landsknechttrommen". Vooral omdat de V.M.O. militanten van het refrein een eigen versie hadden gemaakt.

 

De landsknechttrommen dreunen,
zij dreunen voor de strijd !
De landsknechttrommen dreunen,
de vendels staan bereid

Refrein


Rom ! Rom ! Rom ! Landsknechttrom,
voer ons ten strijd, wij zijn bereid    (bis)

De landsknechttrommen dreunen,
zij dreunen in de slag !
De landsknechttrommen dreunen,
als vuur waait onze vlag !

De landsknechttrommen dreunen,
zij dreunen in de dood !
De landsknechttrommen dreunen
het Vaderland wordt groot !

 

Beluister dit lied in de originele versie :

De V.M.O. zong het ingekleurde refrein als :


Rom ! Rom ! Rom ! Eriksson,
voer ons ten strijd wij zijn bereid    (bis)

 

 

Bronnen
"Van de kust tot in de Voerstreek - VMO 1948-1983"  ,aangepaste versie (met toevoeging van eigen ervaringen en inzichten)
"De Vlaams Nationalist" Karel Dillen
"Een lied, drie, vier !" Jan Vincx

Literatuur
De Vlaams Nationalist - Karel Dillen
Van de kust tot in de Voerstreek V.M.O. 1948-1983 - uitgegeven 1998

Fotos en afbeeldingen
"Van de kust tot in de Voerstreek" 
"Privé archief" en archief Sven eriksson
"Privé Archief " Cesaer Spitaels
"De V.M.O. in beeld" Kamiel Van Damme - propagandawervinsbrochure 1963

 

 

Voorwoord       Geschiedenis       Taalstrijd       Kamiel Van Damme      Bob Maes     

                Wim Maes       

V.M.O. privé militie            Processen

Acties                Heldenhulde